Vrijstellingen erfbelasting 2026
| Verkrijger | Vrijstelling |
|---|---|
| Echtgenoot / geregistreerd of samenwonend partner | € 828.035 |
| Kind of kleinkind | € 26.230 |
| Kind met een beperking (onderhouden door overledene) | € 78.671 |
| Ouder (beide ouders samen als beiden erven) | € 62.110 |
| Alle anderen (broer, zus, vriend, achterkleinkind) | € 2.769 |
Boven de vrijstelling gelden dezelfde tarieven als bij de schenkbelasting: partners en kinderen betalen 10% tot € 158.669 en 20% daarboven; kleinkinderen 18/36% en alle overige verkrijgers 30/40%. Erven van een oom, tante of vriend is fiscaal dus fors duurder dan erven van een ouder.
Rekenvoorbeelden
Kind erft € 200.000: na de vrijstelling blijft € 173.770 over; de eerste € 158.669 tegen 10%, de rest tegen 20% — samen € 18.887. Broer erft € 50.000: vrijstelling slechts € 2.769, tarief 30% — de aanslag wordt € 14.169, ruim 28% van de erfenis. Partner erft € 800.000: volledig binnen de vrijstelling, € 0 (tenzij pensioenimputatie de vrijstelling verlaagt).
Nieuw sinds 2026: 20 maanden voor de aangifte
De klassieke termijn van 8 maanden bleek voor veel nabestaanden te kort — zeker wanneer een woning verkocht moet worden. Voor overlijdens vanaf 1 januari 2026 geldt daarom een aangiftetermijn van 20 maanden, en gaat ook de belastingrente pas daarna lopen. Let op: veel oudere websites en folders noemen nog de 8-maandentermijn.
Wat deze calculator wel en niet doet
De tool rekent de erfbelasting uit voor één verkrijger op basis van de standaard- vrijstellingen. Niet meegenomen: de pensioenimputatie bij partners, de 180-dagenregel voor recente schenkingen, bedrijfsopvolgingsregelingen en testamentaire constructies. Bij een substantiële nalatenschap loont professioneel advies vrijwel altijd — en wie vooruit wil plannen, begint bij schenken bij leven.